zondag 30 januari 2011

Colette

Ik had een aardige tijd met Sharon op de kamer gezeten. En na het huiswerk hadden we ook nog een aardige tijd gekletst. Ik had het idee dat ik hier vrienden aan het maken was, en aan de ene kant vond ik dat best beangstigend. Maar aan de andere kant vond ik het ook wel erg fijn. Ik vond Sharon echt wel erg gaaf. Ze was lief en wist erg veel van wiskunde en natuurkunde. Oké. Dat is normaal gesproken geen karaktereigenschap. Ik zou het niet erg vinden om met iemand als Sharon bevriend te raken, denk ik. Misschien moest ik me gewoon laten gaan en een vriendschap met haar opbouwen. Ach, ik zou wel zien. Het eten wat ze had gekookt was ook erg lekker geweest trouwens. Maar dat terzijde. Na het 'huiswerkfeestje' ging ik naar de keuken en maakte een glas warme melk voor mezelf. Dat deed ik elke avond al wist ik dat het niet bepaald goed was voor de slaperigheid ofzoiets. Toen deed ik er nog een schep honing in en ik dronk. Ik vond het heerlijk. Daarna spoelde ik de beker om en liep naar boven om me te gaan douchen en om me klaar te maken voor mijn bed. Toen ik klaar was zat ik op mijn bed en keek ik naar de spiegel die ertegenover hing. Mijn haar was nog steeds nat. Ik glimlachte even schaapachtig naar mezelf en keek daarna snel weer weg. Toen keek ik weer. 'Ik kan dit. Ik wil me niet afsluiten. Ik kan morgen naar school gaan.' zei ik zachtjes. Toen kroop ik onder de dekens en pakte mijn iPod met mijn Paramore muziek. Ik luisterde nog even en viel inslaap toen het liedje Misguided Ghosts begon.

Next Day
De volgende dag werd ik wakker toen er iemand op mijn deur klopte. Ik deed slaperig mijn ogen open en voelde dat er iets prikte in mijn oor. Mijn oordopjes. Ik had de hele nacht muziek 'geluisterd'. Shit. Nu was de batterij echt zeker leeg. Ik keek naar het gezicht in de deuropening. Liv. 'Goedemorgen zonnestraaltje. Je hebt nog een kwartier voordat de bus gaat.' Op de achtergrond zag ik Sharon voorbij lopen die eruitzag alsof ze al helemaal klaar was. 'Fuck.' vloekte ik en ik sprong uit bed om mijn kleding voor die dag uit te zoeken. Een kleurrijk rokje met een felle legging en laarzen. En daarbovenop een geel T-shirt met een smiley figuur ding erop. Ik twijfelde toen ik het aanhad. Viel het niet teveel op? Ik was net van plan om het weer uit te trekken toen ik Sharon's stem hoorde. 'Staat je leuk.' zei ze. Ik keek even achterom. Oke. Ik hield het wel aan. Ik glimlachte en stoof toen de badkamer in om mijn haar en make-up te doen. Toen sprintte ik naar beneden waar Liv al zo lief was geweest om mijn brood te smeren. Alsof ik een klein kind was. Ach whatever, vandaag was ik er blij mee. Ik at snel en zag dat ik geen tijd meer had om mijn tanden te poetsen. Gadver. Kauwgom pakken. Rennen. Vanmorgen ging Sharon met me mee. We sprintten naar de bus en zakten uiteindelijk uitgeput neer op de achterste bank. Toen schoten we in de lach.

Sharon

Ik zit op mijn kamer met het tweede deel van de boekenserie “Eragon”. Het begint net spannend te worden als mijn persoonlijke bel gaat. Ja, het is waar, ik heb een aparte huisdeur bij mijn kamer en daar hoort natuurlijk ook een bel bij. Zuchtend leg ik mijn boek neer. En sjok naar de deur. Wie zal het zijn? Ik verwacht niemand op dit tijdstip, en ik heb de algemene bel ook niet gehoord dus het is waarschijnlijk Colette of Olivia.  Ik doe open, en inderdaad staat daar Colette voor mijn deur. In haar handen had ze een stapel, gekafte boeken. Waarschijnlijk schoolboeken. Ik maak het bed snel even netjes en klop dan naast me. “Waarom kom je hier nu nog? Het is toch al best laat?” Ik keek Colette vragend aan. Het eerste wat ze vroeg is wat ik voor rooster heb, en voornamelijk welke vakken ik vandaag heb gehad. Ik graaf in mijn veel te grote schooltas op zoek naar mijn agenda. En daar tover ik uiteindelijk mijn rooster uit. Als ik deze naast die van Colette leg, zie ik dat ik best veel vakken met haar samen heb. “Kun jij me helpen met Natuurkunde en Wiskunde? Ik heb nooit veel van die vakken gesnapt en je weet dat ik vandaag niet lang op school was.” Ik zou gelijk mijn mond open trekken om te vragen waarom niet, maar ik bedenk me dat het misschien beter is dat ik eerst niet zoveel daarover zeg. Anders was ze er zelf wel over begonnen, en we zijn praktisch nog wildvreemden voor elkaar. Ik zoek zelf mijn boeken er ook bij en begin uit te leggen. Wat mij opvalt is dat Colette ijverig meeschrijft met alles wat ik zeg. Als ik tussendoor een grapje maak heeft ze bijna ook nog de intentie om dat op te schrijven maar dan stopt ze ineens en beseft ze dat ik een grapje maak. We lachen en ik zoek een cd op uit een van de verhuisdozen. Nee, het is nog steeds niet allemaal uitgepakt, maar het komt steeds meer. Ook de stof van Natuurkunde gaat snel. En nog geen half uur later liggen we samen op mijn kamer de rest van het huiswerk te maken. “Kom je morgen wel gewoon op school?” Vraag ik voorzichtig. Ik zie bij Colette langzaam een rode blos opkomen. Dit moest ik niet vragen denk ik bij mezelf. Stom stom stom! Maar tot mijn verbazing geeft ze antwoord. “Ja, dat is wel de bedoeling. Ik kon me vandaag gewoon niet zo goed concentreren en ik voelde me niet helemaal goed. Waarschijnlijk door de zenuwen.” Samen lachen we. “Dan verschuil je je morgen maar achter mij.” Ik had nooit gedacht dat ik deze opmerking zou maken. Vaak ben ik het meisje dat zich verschuilt, en dat ik nu de brede vrouw ben waarachter mensen zich verschuilen. Nee, het dringt nog niet zo goed tot mij door.

James

Ik keek naar Wiliam. Het zag er nou niet echt naar uit alsof hij aan het opletten was ofzo. 'Yo. Will.' ik stootte hem aan met mijn elleboog. Hij schrok een beetje op en keek me verdwaasd op. Ik trok één wenkbrauw op -Ik had er erg veel tijd in moeten steken om dat te oefenen, maar dat maakt niet uit als je technisch gezien onsterfelijk bent.- Ik schudde mijn hoofd even en stond toen op. Ik liep naar de drankkast en haalde er een fles rum uit. Ik bekeek het etiket even. Hm. Mijn favoriet. Ik nam hem mee met twee glazen en zette het op het tafeltje. Wiliam keek me even aan. Ik wist dat hij niet van drinken hield. 'Ik ga je nergens toe dwingen hoor.' zei ik, terwijl ik voor mezelf inschonk. Toen ik klaar was keek ik naar hem. Hij knikte even kort. Ik grijnsde en schonk toen ook het tweede glas vol. 'Dus. Wat is er aan de hand.' zei ik terwijl ik achteroverleunde in de bank met mijn glas rum. 'Niks..' mompelde Wiliam. 'Ach, kom op Will.' zei ik. 'Ik zie het aan je. Wat is er mis.' Wiliam zuchtte. 'Ik zou gewoon willen dat niet zo was. Al dit bedoel ik. Dit.. Gedoe.' 'Je zou willen dat je geen vampier was.' zei ik. Wiliam knikte. 'Hm. Dat hebben we allemaal wel eens. Zelfs ik heb dat gehad. Vroeger.' Eigenlijk kon ik me niet herinneren dat ik dat had gehad, maar dat zou ik niet zeggen. Dat werkte nou niet bepaald geruststellend. 'Maar je went er wel aan. Je kunt niet altijd je hoofd laten hangen en jezelf blijven verafschuwen. Zo duurt eeuwig erg lang, weet je. Je moet genieten van de tijd die je hebt.' Hoezo filosofisch. Ik zou echt eens een boek moeten schrijven. Wiliam knikte even. Ik nam een grote slok rum. 'Zeg, Will. Wat zou je ervan vinden als ik ook naar school kwam.' zei ik. Ik zag Wiliam even schrikken. 'Ho, rustig maar. Ik ga daar echt niet elk meisje leegzuigen hoor. Ik hou me echt wel in.' zei ik. Ik wilde gewoon naar school gaan omdat ik me nogal verveelde de laatste tijd, dat was alles. Wiliam knikte eventjes kort. 'Dat is mooi dan, want ik heb me al ingeschreven. Ik kan morgen beginnen.' zei ik met een grijns. 'Je wachtte dus helemaal niet op mijn toestemming?' maakte Wiliam daaruit op. 'Nee. Totaal niet. Zoals gewoonlijk.' zei ik grijnzend. Ik schonk mijn tweede glas in. Wiliam nam net de eerste slok van zijn rum. Die jongen zou echt sneller moeten leren drinken. Hoe zouden we die fles anders leeg moeten krijgen.

Wiliam

Ik heb mezelf binnengelaten. De deur zat op slot, maar achter het huis stond nog een raam open op de bovenverdieping. Waarschijnlijk heeft James dat gedaan als test. Ik zie hem als mijn meester, al zal ik dat nooit tegen hem zeggen. Als dat tegen hem gezegd wordt, krijgt hij een te groot ego wat tegen hem kan gaan werken. En ik wil hem daarvoor behoeden. Eten of drinken heb ik niet nodig om van te leven. Ik krijg mijn voedingsstoffen uit wat anders. Vloeiend bloed. In de kasten van James zie ik enkele bloedtabletten, en ik besluit om deze maar op te lossen. Ik houdt mezelf liever voor de gek dan dat ik weer op jacht moet. Ik moet toch maar eens gaan vragen waar hij deze tabletten vandaan heeft. Ik heb ook zulke tabletten nodig. Dan zal een schooldag minder vermoeiend zijn. Of de busreis in een overvolle bus vol warme zwetende mensen die net gesport hebben en waarvan het bloed nog sneller stroomt. Ik zou voor een langere tijd kunnen leven zonder bloed, maar dan moet ik mijzelf in gevaar brengen. Ik plof neer op de bank bij James en staar voor mij uit, uit het raam. Een paar tellen later komt James binnen. Hij kijkt mij uitdagend aan. Ik begroet hem lachend. Nog geen seconde later zit hij naast mij op de bank. Één van de voordelen van vampier zijn. Je bent echt megasnel. Een mens kan je niet zien als je op volle snelheid loopt. En het is zelfs zo dat je amper wind achter je aan hebt als je full-speed loopt. Een normaal mens zal je dan ook niet eens voelen. Allemaal voordelen aan het vampier zijn. Ik vraag James naar zijn dag, maar vooral naar zijn plek vandaag. Ik weet dat hij vaak op een publieke plek verstopt zit om veel vlees te keuren en zijn avondmaal uit te zoeken. Als hij antwoordt dat hij bij de supermarkt was schrik ik daarvan. Ik hoop diep van binnen dat hij niet op zat te letten toen dat mooie meisje naar buiten kwam, maar mijn hoop is tevergeefs. James begint te vertellen over zijn avontuur van vandaag. In haar ogen is te lezen dat ze me niet vertrouwd. En het lijkt er zelfs op dat ze mij niet eens aan ziet als een volwaardig mens maar een dier. “Dat ben je toch ook?” grap ik. Samen lachen we om deze grap, maar bij mij doet het diep van binnen nog steeds pijn. Al hoewel ik al vanaf mijn eerste levensjaar een vampier ben, voel ik me nog steeds niet zo. Ik heb dingen meegemaakt toen ik nog een mens was. En deze gedachten zijn nu sterker geworden omdat ik een vampier ben geworden. Nee, ik moet het anders zeggen. Ze hebben van mij een vampier gemaakt. Ze hebben van mij een monster gemaakt dat anderen moet doden. Een monster dat geen grenzen kent. Een monster dat ik niet wil zijn. Ik wil het liefst een gewoon mensenleven met de dood die daarop volgt. Het gevoel dat ik nu voor eeuwig leef kan ik me niet voorstellen. Ik zie iedereen oud worden en zelf blijf ik steeds jong. Ik heb mijn hoogtepunt bereikt. Veel ouder zal ik niet worden. De gedachten spoken door mijn hoofd, en maken dat ik niets meer hoor van datgene wat James allemaal tegen mij zegt.

zaterdag 29 januari 2011

James

Ik had de geur gevolgd die aan de boodschappentas hing toen ik eindelijk weer rechtovereind kon staan. Wat had dat een pijn gedaan zeg. Verschrikkelijk. Maar nu had ik het gevonden. Het oude victoriaanse huis. Het was erg groot. Hier woonde ze. Het was onmogelijk dat mijn neus me had verraden. Mijn instinct was misschien een beter woord ervoor. Ik klom in een boom en keek door een willekeurig raam op de bovenste verdieping. Ik zag een meisje op haar bed zitten terwijl ze erg enthousiast zat te bellen. Ik kon het vanaf hier horen, al was dat niet raar. Het was geen Engels. Dat was zeker. Ik kon het toch verstaan. Het was Frans. Ik was vroeger best veel in Frankrijk geweest. Maar wacht.. Was dat nou dat meisje wat ik vanmorgen in de bus had gezien? Ach, eigenlijk maakte het me ook niet uit. Ik sprong een tak lager. Ik keek nu uit op een trap. Ik bleef hier even zitten. Toen hoorde ik voetstappen die naar beneden liepen. Ik keek. En toen zag ik haar. Ik keek naar haar en zag dat ze naar buiten keek. En mij zag. Haar ogen werden groot en ze dook aan de kant. Ze rende naar beneden. Ik schudde mijn hoofd en grijnsde even. Dit ging zo makkelijk worden. Ze was gewoon bang voor me. Dit ging nog eens interessant worden. Ik was niet eens meer kwaad. Niet echt meer. Ik wilde dat ik naar binnen kon, maar ze zouden me nooit uitnodigen. En dan kon ik gewoon simpelweg niet naar binnen. Dat was een zeer vervelend vampieren dingetje. Werd je niet uitgenodigd, geen toegang. Jammer dan. Maar ik had er ook niets aan om hier te blijven zitten. Ik kon beter maar naar huis gaan en zien of daar nog wat te beleven viel. Misschien was Wiliam er wel. Dat zou kunnen, technisch gezien. Hij kwam de laatste tijd wel vaker langs. Ik was al een langere tijd vampier en kende dus alle.. Nou ja.. Trucjes. Wiliam was in vergelijking met mij echt nog een amateur. Ik sprong uit de boom en liep richting mijn auto. Het was een zwarte Jaguar. Auto's die er snel uitzagen en ook nog snel waren, daar hield ik van. Ik stapte in en reed snel naar het gebouw wat ik zo langzamerhand 'huis' noemde. Ik parkeerde. Stapte uit. Liep naar de deur. Deed de deur van het slot. En stapte naar binnen. Toen ik in de woonkamer kwam zag ik dat Wiliam al op de bank zat. 'Ook goedenavond.' zei ik terwijl ik mijn leren jas op de kapstok hing.

Sharon

Ik ren, ren tot ik niet meer kan. Ik vlieg hoeken om en stegen door. Het liefst door de meest verlichte straten zodat hij mij niet achterna durft te komen. In mijn haast heb ik de boodschappentas laten vallen, maar ik durf niet meer terug. Ik ben bang dat hij dan weer komt opdagen, dat hij nu meer met mij doet dan dat ik wil. Op mijn vluchtroute kom ik langs een slagerswinkel. Ik loop naar binnen en koop nog snel wat vlees om toch met iets thuis te komen. Als ik daarna ook nog langs een groenteboer kom vult mijn hart zich met opluchting. Dit blijft tussen ons.Tussen de engerd en mij. Olivia en Colette hoeven hier niets van te merken. Er is gewoon niets aan de hand. Ik haal diep adem en stap dan weer naar buiten. Ineens realiseer ik mij dat ik een klein beetje verdwaald ben. Ik heb geen idee waar ik allemaal langs ben gerend op mijn vluchtroute. Ik draai me weer om en loop opnieuw de winkel van de groenteboer binnen. Hij begint te lachen als ik het vraag. Mijn kop is rood als een boei. ‘Aan het eind van deze straat links. En dan zie je het wel.’ Ik bedank de man hartelijk en loop dan snel terug naar huis. Eenmaal binnen durf ik weer te ademen. De drukkende sfeer heeft geen invloed meer op mij. Ik ben weer “thuis” Ik ben weer veilig. Ik leg het eten in de koelkast en start eerst mijn computer op. Het duurt vaak wel even voordat deze helemaal gebruiksklaar is dus ik kan ondertussen mooi het eten klaar maken. Het is simpel, maar ik had geen andere keuze. Ik hoop niet dat die engerd straks de boodschappen komt brengen, dan zorg ik wel dat ik niet degene ben die aan de deur komt. Ik ga mezelf niet nog eens aan hem tonen. Als het eten goed en wel opstaat en alleen nog moet garen start ik internet op en begin met een nieuw bericht naar Paul.

Dear Paul,
Ik weet niet meer of ik het hier leuk vind. Mijn ervaring van zonet geeft stof tot nadenken. Ik had beloofd te koken aan mijn huisgenoten en ik ging dus boodschappen doen in de plaatselijke supermarkt. Stel je niet teveel voor bij zo’n dergelijke supermarkt het is klein, maar alles in de vorm van eten kun je er krijgen. Toen ik de supermarkt uitliep was ik eerst alleen in de straat. Ongeveer 200 meter daarna liep er ineens een jongen achter mij die mij aantikte en vroeg of ik mee kon lopen naar de dichtstbijzijnde bushalte omdat hij verdwaalt was. Ik schrok me kapot. Hij was gewoon zo perfect! Ik wist, en weet nu nog steeds niet wat ik ermee aan moet. Help!
Dikke kus!

Ik druk op verzenden en lees dan nog de overige berichten op het forum. Het zijn veel onbelangrijke dingen met voornamelijk spelletjes, iets wat me nu even niet boeit. In de chatbox is ook niemand online dus ik besluit maar gewoon voor de computer weg te gaan. En het eten verder klaar te maken. Ik loop langs het raam op de trap en ineens zie ik hem staan. De adem stokt in mijn keel en ik duik weg en maak dat ik weg kom. Naar de keuken waar ik, hoop ik veilig ben voor zijn verschijning.

vrijdag 28 januari 2011

Colette

Na een gesprekje met Liv was ik naar boven gegaan. Ik zou nog kijken of ik huiswerk had, had ik gezegd. Ik wist eigenlijk niet wat mijn huiswerk was. Ik was immers niet op school geweest. Maar goed. Ik startte mijn laptop op en pakte hem op en zette hem op mijn bed neer. Ik ging er in kleermakerszit voor zitten. Ik wachtte nogal ongeduldig, al wist ik niet echt waarom. Toen de computer eindelijk was opgestart -hij was oud, maar toch hield ik heel veel van hem. We hadden samen veel meegemaakt- opende ik mijn mailbox. Drie postvak ik. Ik zag het mailtje meteen, maar wist dat als ik het als eerst zou lezen het totaal mis zou gaan. Dan zou ik de rest niet meer kunnen lezen. Ik opende dus eerst de twee andere mailtjes. De eerste was een nieuwsbrief van mijn favoriete kleding winkel van thuis. Ik las het door en slaakte verschillende zuchten bij het zien van de te coole kledingstukken. Ik wilde ze in het echt zien. Ik wilde ze aanraken. Aaaaaargh. Het tweede mailtje was van een of ander iemand die een virus had en die wel vaker mailtjes stuurde. Ik blokkeerde het persoon en zette het in mijn ongewenst lijst. Toen klikte ik verwachtingsvol op het derde mailtje. Ik las het vol spanning.

Ma chere Col*


Ik mis je. Oké. Dat moest er sowieso even uit.
Maar over je mailtje. Is het echt zo erg? En waarom dan? Zijn er geen aardige mensen op je nieuwe school? Is het gewoon een irritant stinkend rothok? -Oké. Dat zijn alle scholen, maar goed.- En is dat het niet het geval, wat is er dan aan de hand?
Bij ons op school is het ook niet super. Maar.. Ach.. Ik moet je iets vertellen. Je weet nog wel dat ik die jongen leuk vond, toch? Francis. Weet je het nog? Ach ja. Nou.. We waren gister dus op een feestje en.. Nou. Hij vind mij ook leuk-

Verder hoefde ik niet te lezen. Ik greep mijn mobiel van mijn nachtkastje en typte het nummer in dat ik uit mijn hoofd kende. Toen de mobiel twee keer over was gegaan werd er opgenomen door iemand die keihard 'COOOOOOL' in mijn oor schreeuwde. 'MEEEEEEEEEEEEEEEEEEEER' schreeuwde ik zomogelijk nog harder terug. Toen begonnen we opeens kris kras Frans tegen elkaar te praten. We kletsen over Francis en over hoe het ging en we waren zo enthousiast dat we zo een halfuur verder waren.

*Dit is al vaag Frans dus ik zal de rest maar niet in het Frans gaan doen geloof ik.. Al vind ik dat best cool

William Ludlow

School boeit mij niet. Ik heb het daar wel gezien. Iedere dag opnieuw wordt je weer in een muf lokaal gepropt, en iedere dag opnieuw vuren ze allemaal informatie op je af. Voor mij is het allemaal nutteloze informatie. Ik weet alles al, er zijn zeer weinig verschillen in de leerstof als je het vergelijkt met tien jaar geleden. Je zou zeggen dat onderwijs met de tijd mee gaat, maar misschien worden alleen de lokalen op gevrolijkt, al zijn ze nog steeds niet om uit te staan, en wordt alles gedigitaliseerd. De wetenschap kan wel stoppen met experimenten doen want het onderwijs neemt het toch nooit mee.
Ik zit achter de kassa in de supermarkt in het dorp. Altijd komen dezelfde mensen voorbij, en vaak zijn het oudere mensen die dagelijks boodschappen doen. Ik ben blij dat zondag een algemene vrije dag is. Voor mij betekent dat een dag zonder oude beschimmelde mensen. Vandaag was er nog iemand anders. Iemand die ik nog niet eerder heb gezien, alhoewel, volgens mij heb ik haar in de gangen op school zien lopen. Ze is jong, en heeft rood krullend haar. Haar ogen zijn groen en stralen in het licht van de zon. Ze is mooi, bijna te mooi om een normaal mens te zijn. Maar er was nog iemand op school die ik niet kende. Zij heeft in tegenstelling tot “het winkelmeisje” steil blond lang haar. Een blik in haar ogen zei genoeg. Mijn groeiende honger was gelijk gestilt met iets wat veel beter voelt dan de smaak van bloed. Haar ogen waren blauw als de lucht. Ik vraag me af waar ze vandaan komt.
Vanavond ga ik naar James, ik zal hem eens vragen hoe hij erover denkt en wat hij vindt wat ik moet doen. Één ding is zeker, ik ga van haar geen maaltijd maken, ook al is het het hoofdgerecht. Ik raak haar met geen vinger aan op die manier.

dinsdag 25 januari 2011

James

Ik keek naar de sterren. Deed ik vaak. Als ik me verveelde. Of als ik aan het bedenken was wie mijn volgende prooi zou worden. Vanuit deze boom keek ik uit op een supermarkt. Het was een simpele supermarkt, veel kleiner dan de meesten in dit gebied. Er kwamen verschillende mensen uit de supermarkt. Ik hoefde niet naar beneden te kijken om te weten of het wel of niet iets waard was. Daar was ik op getraint. Ik kon alles horen. Het geluid van een lange lok haar dat achter een oor geschoven wordt. Hakken die zachtjes op de klinkers tikken. Het giecheltje, als de meisjes nog in de winkel zijn. Daaruit kon ik oordelen of het wel of niet de moeite waard was. Tot nu toe nog niet. Alleen maar oude dametjes die hun houdbaarheidsdatum allang voorbij waren. Of van die gasten die dachten dat ze pas stoer waren als ze knetterstoned waren. Zielig. Ik kon de wiet vanaf hier gewoon ruiken. Hé. Daar. Misschien.. Ik keek voor het eerst die avond weer eens naar beneden. Ik scande de winkel door, voorzover ik die kon zien. De kassa's. Ik kon alleen de helft van de kassa's zien. Er stonden geen interessante personen. Behalve dan.. Daar. Bij de een na laatste kassa. Roodbruin haar.. Krullen.. Een jaar of zestien.. En voor zover ik dat kan zien vanaf hier groene ogen. Precies wat ik zocht vanavond. Ik zou wachten totdat ze langs zou komen en dan: BAM. Geweldig. Dat meisje wat ik vanochtend in de bus had gezien, die was ook niet mis. Een heel ander type dan dat deze was. Deze zag er warmer uit. De ander wat killer, maar toch ook erg aantrekkelijk. Maar dit werd hem vanavond. Mijn toetje. Ze liep de winkel uit. Ik hoorde iedere stap. Ik rook haar haren toen er een windvlaag doorheen streek. Ik grijnsde. Mijn tanden blikkerden in het maanlicht. Ik had nu al trek. Ik likte mijn lippen. Ze liep nu onder de boom door. Ze was iets verder. Ik sprong uit de boom en landde geluidloos. Ik liep stilletjes achter haar aan. Ze liep gracieus. Het zou me niets verbazen als ze aan dansen deed ofzoiets. Ik grijnsde en zette toen mijn serieuze gezicht op. het gezicht waarvan ik wist dat meisjes het aantrekkelijk vonden. Toen versnelde ik iets en tikte ik op haar schouder. Ze draaide zich verdwaasd om. Ik zag de oh-jee-wat-is-die-gast-knap-blik verschijnen en glimlachte mijn glimlach. Ze keek me vragend aan. 'Ja?' zei ze. 'Nou, ik vroeg me af.. Ik ben nogal verdwaald. En ik weet niet of jij hier bekend bent. Maar zou je me kunnen helpen naar het dichtstbijzijnde bushalte?' vroeg ik. Natuurlijk was ik hier wél bekend. Ik wist alle plekjes te vinden. Maar goed. Bij de bushalte was het donker. Er kwam eigenlijk niemand. Tenminste niet bij de dichtsbijzijnde. Ik zag haar twijfelen. Maar ze schudde haar hoofd. 'Nee, sorry. Ik moet naar huis.' zei ze. En ze liep door. Mijn gezicht vertrok in een grimas maar ik probeerde het nog een keer. 'Alsjeblieft?' zei ik. Weer schudde ze haar hoofd. Toen ik haar schouder vastpakte gebeurde er iets wat ik niet had verwacht. Ze draaide zich om en gaf me een knietje. Toen rende ze weg. Ze liet de boodschappentas wel vallen. Ik sloeg dubbel van de pijn.

Sharon Scott

Ik plof naast Colette op de bank. Of “Col” hoe Liv haar noemt. Liv, ik vind het zo vreemd om Liv te zeggen tegen iemand die ik niet ken. Maar Olivia moet ook maar niet aan het zure gezicht te zien. ‘Zal ik koken vanavond?’ Ik kijk ze om de beurt aan. Colette knikt gelijk instemmend en Liv knikt daarna ook, maar nog steeds niet overtuigend. Ik sta op en pak mijn jas en portefeuille van mijn kamer. ‘Ik ga dan even boodschappen doen. En ik laat jullie wel even alleen.’ Nadat ik de deur achter me heb dichtgedaan haal ik diep adem. De sfeer die daarbinnen hangt die staat mij niet aan. Ik ben even vrij voor een kwartier. De supermarkt is niet ver van het huis en ik besluit dan ook de boodschappen lopend te doen. Dan kan ik de tijd misschien nog even rekken. Met een goed gevoel loop ik naar de supermarkt. Onderweg bedenk ik wat het zal worden. De zon schijnt en er zijn amper wolken in de lucht. Ik zie het allemaal als teken dat ik hier welkom ben. In de supermarkt heb ik zo alle ingrediënten bij elkaar gezocht. En ik heb ook wat kleine dingetjes voor mezelf meegenomen zoals frisdrank en koeken. Chips hoef ik niet, dat is mij te vet. Als ik bij de enige kassa aansluit in de rij zie ik hem zitten. Hij scant de producten in een zo vloeiende beweging dat het goddelijk lijkt. Ik zwijmel en heb het bijna niet door dat hij ook mijn producten al heeft gescant. ‘Dat is dan 15 pond.’ Ik schrik op. Zelfs zijn stem is zo goddelijk. Met een schok kom ik weer tot besef en haal een briefje van 20 pond uit mijn portemonnee. Bij het overgeven raak ik zijn hand per ongeluk aan. Mijn hand word helemaal warm en er gaat een schok door mijn lichaam. Ik ben nog net genoeg bij zinnen om het wisselgeld aan te pakken, deze keer zonder hem te raken, en met al mijn boodschappen de winkel uit te lopen. Als ik de hoek om ben, begin ik alles te beseffen. Is dit het gevoel van verliefd zijn?

Colette

'Hi Liv.' 'Hi Col.' Stilte. Ik ging op de tweepersoons bank bij de openhaard zitten en krulde me erin op. 'Hoe was je schooldag.' zei Liv die precies op dezelfde manier in haar stoel zat. 'Saai. Ergerlijk. Zeer ergelijk eigenlijk. Hele frustrerend. En zéér simpel. Het niveau is hier echt lager dan thuis. Ik bedoel ma-' 'Ho. Niks over thuis als het niet over dit huis gaat. Hier woon je nu. En dat is het.' Ik keek eventjes verbaasd naar Liv. 'Heeft mama gebeld?' vroeg ik toen droog. 'Hè? Was dat zo duidelijk dan?' zei Liv. Ze fronste haar wenkbrauwen. Ik grijnsde. 'Ja. Echt wel. Je doet alleen maar streng als mama heeft gebeld. Alsof je dan opeens de taak ziet om mij goed op te moeten voeden of zoiets.' Liv glimlachte. 'Misschien is dat ook wel zo.' Toen bleef het stil. Ik pakte een boek die naast de bank lag. Die bank was nu al, binnen een week, mijn vaste bank geworden. Ik vond hem gaaf. Ik zuchtte even. Ik had gelogen net. Ik had school niet afgemaakt vandaag. Ik was na het eerste lesuur vertrokken. Gespijbeld. Dat had ik thuis gewoon nog nooit gedaan. Correctie. Thuis in Frankrijk. Zucht. Ik hield het vandaag gewoon niet uit. Ten eerste had ik, sinds die jongen in de bus naar me had gekeken, steeds het gevoel gehad alsof ik bespied werd en alsof er steeds een paar ogen was dat me volgde. Het had me zo de kriebels gegeven dat ik er bijna paranoïde van was geworden. Het zou wel aan mij liggen. Dat deed het toch altijd. Ten tweede werd ik uiteindelijk toch een beetje gek van alle blikken die me de hele tijd achtervolgden, al had ik eerst toch echt beweerd dat ik het niet erg vond. Ik keek naar mijn maillot. Morgen misschien toch maar iets anders proberen. Ik was naar het park gelopen en had daar de hele ochtend en middag gezeten. Een beetje gekeken naar de verliefde stelletjes die heen en weer liepen om dan zoenend op een bankje te belanden. Ook liepen er ontzettend veel meisjes rond met een kinderwagen die er veel te jong uitzagen om met een kinderwagen te hoeven lopen. Tienermoeders.. Hm. Nog een bezoeker: Honden. Heel veel honden. Oké. Ik was misschien wat ironisch ingesteld. Misschien zelfs sarcastisch. Maar hoe negatief ik ook over het park doe, ik vind het er fantastisch. Ik zou het Liv niet zeggen . Daar zou ze alleen maar ongerust om worden. Toen ging de deur open en kwam er een meisje zachtjes naar binnen lopen. 'Hé, Sharon.' zei Liv vrolijk. 'Dag mevrouw Smith. Dag Colette.' zei ze. Ze glimlachte naar me. Ik glimlachte wat stijfjes terug. 'Sharon, hoe vaak heb ik nou al gezegd dat je me gewoon Liv moet noemen, of desnoods Olivia.' Liv trok er zo'n zuur gezicht bij dat Sharon en ik er allebei van in de lach schoten. Omdat Liv zo'n groot huis had verhuurde ze ook kamers. Er was op het moment een huurder. En dat was Sharon. Ze zat bij mij op school. In de zelfde klas zelfs, wat veel vakken betrof. Ik wist niet wat ik van haar moest vinden. Aan de ene kant vond ik haar heel aardig. Maar eigenlijk wilde ik geen vrienden maken hier. 'Het spijt me.. Uhm.. L-Liv..' zei Sharon. Je kon zien dat ze het echt raar vond om het te zeggen. Ik glimlachte. Ik was eraan gewend, maar het leek mij ook best eng om een wild vreemde gewoon zomaar 'Liv' te noemen. 'Wilde je wat vragen?' vroeg Liv haar. Sharon stond nog steeds vlak naast de deur, alsof ze eigenlijk het liefst weer naar boven zou rennen. 'Uhm.. Nee. Ik dacht, laat ik hier maar eens gaan zitten. Aangezien ik toch geen huiswerk heb enzo..' zei ze. 'Je kunt daar wel gaan zitten, naast Colette. Toch Col?' Liv keek me aan. Even een strenge blik. 'Oh, ja. Natuurlijk.' Ik haalde snel mijn voeten van de bank en legde het boek aan de kant. Sharon ging wat onzeker naast me zitten. Ik kon in haar ogen zien dat ze zich afvroeg waar ik vandaag geweest was. Ik hoopte dat ze aan mijn blik kon zien dat ik niet wilde dat ze ernaar vroeg.

Sharon

Ik gooi de tas in de hoek van de kamer. Heerlijk, even geen ouders en broertjes en zusjes om me heen. Dit zou vaker zo moeten zijn. Nee, ik mag niet zo denken. Over een week mis ik ze heel erg en dan wil ik waarschijnlijk niets liever dan terug naar huis. Maar die optie is nu eerst ver van mij verwijderd. Gelukkig heb ik mijn computer mee kunnen nemen, en ik hoop dat alle instellingen nog steeds gelijk zijn. Ik heb geen zin om eerst nog een half uur te moeten prutsen om de computer weer normaal op gang te krijgen. Als ik binnen twee minuten het bureaublad er al voor heb slaak ik een zucht van verlichting. Ik klik op de logo van het internet en bedenk alvast wat ik ongeveer zal schrijven op het forum. Maar vooral waar ik het zou moeten plaatsen. Mijn stukje wordt uiteindelijk geplaatst bij het kopje levensperikelen, wat ik er zelf wel bij vind passen. Dit staat erin:
De eerste dag dat ik alleen ben. Nou ja, alleen, ik zit hier met nog een meisje in dit huis; Colette. Ik heb nog niet goed met haar gesproken. Alleen op school hebben we een paar woorden uitgewisseld maar dat ging vooral over het huiswerk. Het is hier erg mooi, en vandaag schijnt zelfs de zon om ons te verwelkomen. Op school valt het hier ook best wel mee. Zoals jullie van mij gewent zijn heb ik me gewoon onzichtbaar gemaakt en wat om me heen gekeken. De jongeren zijn hier veel opener naar elkaar toe en ze kwamen ook een paar keer naar mij toe om dingen te vragen en mij erbij te betrekken. Colette was na de eerste les zomaar verdwenen dus ik was gedoemd om alleen de dag door te komen. Dat is voor mij ook geen ramp. Ik denk dat ik morgen op het groepje afstap die mij vandaag ook heel erg hebben betrokken. Het zal goed voor mij zijn om contacten te leggen en niet steeds in een hoekje weg te kruipen. Morgen zal ik meer schrijven over mijn nieuwe leven.
Ik druk op verzenden en open dan de chat. Paul is online en hij begint gelijk tegen mij te praten.
Paul: Hi
ShySha: Hi
Paul: En hoe bevalt het? Een beetje een leuke schooldag gehad op je nieuwe school?
ShySha: Ja, het is hier heel leuk. En ik voel me hier goed. En vooral voel ik me hier beter dan thuis waar ik toch alleen maar in de weg zit.
Paul: Zou je niet toch stiekem je ouders missen?
ShySha: Misschien, maar nu eerst nog niet. Ik ga eerst genieten, tobben kan de rest van mijn leven ook nog wel.
Paul: Wow! Jij wordt steeds positiever ga zo door!
ShySha: Het is maar een klein dingetje.
Paul: Sorry, ik moet gaan. Ik spreek je later!
ShySha: Doei!
Ik sluit de chat af en plof op mijn bed. Met muziek in mijn oren denk ik na over vandaag, en over hoe het morgen zal worden.

maandag 24 januari 2011

Colette

Dear Meredith.

School sucks.

Ik klikte op verzenden en wachtte totdat het mailtje weg was. Oké. Ik weet dat het te vroeg geoordeeld was. Ik was in totaal nog maar twee dagen naar school geweest en dan hoor je nog niet te oordelen of het wel of niet leuk is. Maar goed. Het maakte me ook niet uit. Ik keek even naar mijn maillot. Overal zaten gaten, en dan ook overal. Maar dat was wat ik leuk vond. So what? Oh jee. Ik begon al Engelse termen te gebruiken. Dit was wel echt erg. Ik zuchtte en pakte mijn halfversleten schooltas op en hees hem op mijn rug. Hij was versierd met allemaal verschillende strikjes en lintjes in felle kleuren. Ik had er al veel mensen met een rare blik naar zien kijken. Ik grijnsde. Het maakte me niks uit. De rest van mijn outfit: een fel zomers gekleurd jurkje die wijd uitviel. En een leren jack er bovenop. Als je de kledingstukken apart zag, zou je zeggen dat het gecombineerd echt verschrikkelijk zou zijn. Maar als combinatie was het zo verschillend dat het er best wel cool uitzag. Vond ik dan. De mensen die op mijn school zaten hadden er duidelijk een andere mening over. Maar ja, wat trok ik me nou aan van de andere mensen op mijn school? Ik was Colette Barton. Origineel, niet bang voor de meningen van anderen en iemand die eigenlijk graag in Frankrijk had willen zitten. Ik zou het er maar mee moeten doen. Ik liep de woonkamer in en zag tante Liv al zitten. Eigenlijk heette ze Olivia, maar ze had zo'n hekel aan die naam dat iedereen haar Liv moest noemen. 'Je komt nog te laat.' zei ze. 'Ik heb al toast voor je gemaakt. Ligt op het aanrecht.' 'Merci beaucoup.' zei ik met een glimlach. Liv glimlachte. 'Je houdt ook nooit op met je Frans.' zei ze. Ik grijnsde. 'Nooit.' Ik mocht Liv graag. En zij mocht mij, geloof ik. Ik pakte de toast en keek toen op de klok. De bus zou over vijf minuten vertrekken. Maar naar de bushalte lopen kostte me alleen al zes minuten. 'Ik ben weg!' zei ik snel terwijl ik nog wat boterhammen meegriste. 'Tot vanmiddag.' zei Liv die zwaaide. Liv was best jong. Ze was zeven jaar jonger dan mijn moeder en ze gedroeg zich ook jong. Niet dat ik daar problemen mee had. Ik vond haar cool. Ik haastte me naar de bus en kon nog net voordat deze weg zou rijden instappen. Ik ging op een lege plek bij het raam zitten. Vanaf daar had ik uitzicht op een jongen met halflang zwart haar wat hij -dat dacht ik tenminste- met opzet erg warrig had gemaakt. Ik kon er niks aan doen. Maar ik vond hem erg sexy. Hij zat met zijn rug tegen het raam aan en keek nogal verveeld voor zich uit. Toen merkte hij kennelijk dat ik naar hem keek en hij keek naar me. Hij glimlachte. Ik glimlachte terug. Het was echt een flirter, dat kon je zo zien.

Introductie: Sharon Scott en Wiliam Ludlow

Sharon Scott
Uiterlijk: Sharon heeft een redelijke lengte en heeft lang rood bruin krullend haar. Ze is goed gebouwd en accentueert haar vrouwelijke rondingen vaak met heupbroeken en nauw aansluitende T-shirts of blouses. Haar huid is een klein beetje gebruind nog van toen ze geen vampier was.
Familie: Sharon is geboren met haar gezin in een plaatsje vlakbij Leeds. Ze is de oudste van de zes kinderen en dit is vaak best wel vervelend. Haar ouders zien haar al heel vroeg aan als volwassene en laten haar aan haar lot over. Ze kan thuis blijven wonen en blijven eten, maar er wordt totaal geen aandacht aan haar besteedt. Alleen als er ineens een oppas nodig is voor haar jongste broertjes en zusje omdat haar andere broertje en zusje op stap gaan en ook haar ouders weg zijn, komt zij in beeld. Met haar jongste zusje kan ze goed overweg. Voor de rest zoekt ze haar toevlucht op een forum op internet waar ze wel serieus genomen wordt en waar ze kan zijn zoals ze zelf wil zijn.
Extra: Sharon is erg onzeker en loopt daardoor vaak maar wat achter de anderen aan. Wat zij doen zal wel goed zijn is haar instelling in de meeste activiteiten in het leven.Het opgroeien in een normale familie heeft er wel voor gezorgd dat zij een heel groot inzicht heeft in de mensenwereld.

Wiliam Ludlow
Uiterlijk: Wiliam is een man van middelmatige lengte. Hij heeft donkerbruine krullen en een goed gespierd lichaam. Hij is vaak onverschillig en zoekt daar ook zijn kleding naar uit. Een comfortabele spijkerbroek en een t-shirt is zijn standaard outfit en af en toe draagt hij een blouse. Dit draagt hij vaak alleen als hij indruk wil maken op vrouwen.
Familie: Wiliam is, toen hij 5 maanden oud was, te vondeling gelegd door zijn moeder. Een vampier familie heeft hem gevonden en hem verder opgevoed. Zij zijn ook de reden dat hij een vampier is. Van zijn biologische ouders weet niemand iets af. Het is wel duidelijk dat zij waarschijnlijk, toen hij geboren werd in Norwich omdat hij in het naburige dorpje: Arminghall gevonden werd.
Extra: Doordat Wiliam vanaf zijn bewust zijn al leefde binnen een vampierfamilie en zelf ook een vampier was, reageert hij op het instinct van een vampier en heeft hij ook vaak impulsieve acties. Zijn familie nam hem dit niet kwalijk en liet hem zijn gang gaan. Zodanig dat Wiliam het nu heel moeilijk vind om eerst na te denken voordat hij iets doet.

zaterdag 22 januari 2011

Introductie: Colette Barton en James Salvatore

Naam: Colette Barton
Uiterlijk: Colette is erg knap. Ze heeft lang blond haar en fel blauwe ogen. Ze heeft een lichte huid. Ze is nogal klein en best wel dun waardoor ze er nogal breekbaar uitziet, maar dat is ze helemaal niet. Ze draagt het liefst iets wat op een jurkje lijk, en daaronder draagt ze dan (gekleurde) leggings of skinny's.
Familie: Haar vader is pasgeleden overleden en omdat haar moeder het allemaal niet meer aankon heeft ze Colette naar haar zus, Collete's tante dus, in Engeland gestuurd. Ze heeft ook nog een zusje, Carice, en een broertje die Chris heet. Die zijn nog wel bij hun moeder gebleven. Vroeger woonde ze in Frankrijk maar ze spreekt vloeiend Engels omdat haar moeder oorspronkelijk uit Engeland komt.
Extra: Colette is best boos op haar moeder omdat ze haar naar haar tante heeft gestuurd, maar ze kan het wel erg goed met haar tante vinden. Ze kan wat bitchy overkomen, maar dit komt vooral omdat ze zelf heel erg onzeker is. Ze sluit zich ook erg af voor andere mensen en is in eerste instantie niet van plan om nieuwe vrienden te gaan maken. Ze schrijft wel brieven naar haar beste vriendin in Frankrijk: Meredith.

Naam: James Salvatore
Uiterlijk: James heeft zwart, halflang haar. Zijn ogen zijn lichtblauw maar als hij dorst heeft worden die donkerder. Hij is lang en heeft een lichte huid. Hij is (uiteraard) ontzettend knap.
Familie: Zijn hele familie is al overleden, wat ook niet zo raar is want hij is geboren in 1718. Hij had vroeger een oudere broer, Damian, een jongere broer, Laurens en een zusje, Sylvette. Hij zegt trouwens tegen niemand dat zijn familie overleden is.
Extra: James woont dus in een huis alleen. Dit huis is wel erg groot maar dat komt omdat hij ook extreem veel geld heeft. Zijn familie was al rijk en dit heeft hij ook geërfd. Ook heeft hij al extreem lang kunnen werken. James houdt best wel een beetje van dure kleding en dure zonnebrillen en daar heeft hij dus ook geld genoeg voor. Hij heeft er zo langzamerhand geen hekel meer aan om een vampier te zijn en is ook niet vegetarisch. James is een echte flirter.