vrijdag 28 januari 2011

William Ludlow

School boeit mij niet. Ik heb het daar wel gezien. Iedere dag opnieuw wordt je weer in een muf lokaal gepropt, en iedere dag opnieuw vuren ze allemaal informatie op je af. Voor mij is het allemaal nutteloze informatie. Ik weet alles al, er zijn zeer weinig verschillen in de leerstof als je het vergelijkt met tien jaar geleden. Je zou zeggen dat onderwijs met de tijd mee gaat, maar misschien worden alleen de lokalen op gevrolijkt, al zijn ze nog steeds niet om uit te staan, en wordt alles gedigitaliseerd. De wetenschap kan wel stoppen met experimenten doen want het onderwijs neemt het toch nooit mee.
Ik zit achter de kassa in de supermarkt in het dorp. Altijd komen dezelfde mensen voorbij, en vaak zijn het oudere mensen die dagelijks boodschappen doen. Ik ben blij dat zondag een algemene vrije dag is. Voor mij betekent dat een dag zonder oude beschimmelde mensen. Vandaag was er nog iemand anders. Iemand die ik nog niet eerder heb gezien, alhoewel, volgens mij heb ik haar in de gangen op school zien lopen. Ze is jong, en heeft rood krullend haar. Haar ogen zijn groen en stralen in het licht van de zon. Ze is mooi, bijna te mooi om een normaal mens te zijn. Maar er was nog iemand op school die ik niet kende. Zij heeft in tegenstelling tot “het winkelmeisje” steil blond lang haar. Een blik in haar ogen zei genoeg. Mijn groeiende honger was gelijk gestilt met iets wat veel beter voelt dan de smaak van bloed. Haar ogen waren blauw als de lucht. Ik vraag me af waar ze vandaan komt.
Vanavond ga ik naar James, ik zal hem eens vragen hoe hij erover denkt en wat hij vindt wat ik moet doen. Één ding is zeker, ik ga van haar geen maaltijd maken, ook al is het het hoofdgerecht. Ik raak haar met geen vinger aan op die manier.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten